Nieuwjaarsvoornemens in juli

Het is de gewoonte om met nieuwjaar het voorbije jaar te overschouwen en enkele goede voornemens te formuleren. Meestal zijn mijn voornemens een variant op: minder eten, meer bewegen, minder smartphone, meer kwali-tijd met mijn gezin én meer bloggen. Vervolgens, misschien herken je dit, zijn die voornemens halverwege januari (februari als ik echt volhardend ben) alweer gesneuveld. Wegens de lat te hoog, de doelen te onrealistisch, en de bewoordingen te streng geformuleerd.

Deze maand was ik jarig, 36 zomers inmiddels! Ik ben dankbaar voor elke verjaardag die ik vieren mag. De ochtend dat ik jarig was, bleef ik verplicht in bed terwijl man en kinderen mijn verjaardagsontbijt voorbereidden. Lucky lucky me! Wat ik vervolgens deed, was niet anders dan elke andere ochtend: ik schreef mijn ochtendpagina’s in mijn notitieschrift. Hoe vreemd was het, toen ik vaststelde dat mijn hand het afgelopen jaar beschouwde. Het jaaroverzicht van mijn 35ste verscheen op papier.

Achterom kijken

35 was het jaar dat ik de opleiding tot kindertolk startte en afmaakte met grote vreugde en verwondering, mijn eerste boek schreef (als ghost-writer) en veel minder (bijna niet eigenlijk) blogde dan de vorige jaren. Ook privé werd ik flink uitgedaagd en beleefde ik vele hoge ups maar minstens zoveel donkerdiepe dalen. Het is de rode draad doorheen het afgelopen jaar. Zweven hoog in de lucht en keihard zinken tot de bodem, en weer terug. Een emotionele rollercoaster, dat is het leven soms. Meerdere malen en op allerlei vlakken werden grote blokkades opengebroken of opgeworpen, bedoeld om ook weer af te breken. Ik zou mijn 35ste jaar graag samenvatten voor jou in één woord maar dat woord is ongrijpbaar. Of misschien was het gewoon te veel voor één woord. Ik zoek een woord voor: boeiend, confronterend, heftig, intens, hard, zwaar, opluchtend, mooi.

En nu vooruit!

36 wordt het jaar waarin alles weer in balans mag komen. Wat minder rollercoaster-gevoel. Alhoewel, is dat niet de definitie van het leven? Ik start mijn praktijk als kindertolk & coach en ik ga trainingen geven over het boek. Over dit alles volgt later nog meer info en nieuws. O ja, uiteraard wordt dit óók het jaar van minder eten (één-bord-dieet), meer bewegen (zwemmen? yoga?), minder smartphone (check dat: ik practice wat ik preach tijdens mijn voordrachten over sociale media – moet ik dringend ook eens over bloggen), en meer kwali-tijd met mijn gezin (alhoewel, dat zit inmiddels echt wel goed). En hopelijk ook weer tijd om te schrijven op mijn blog.

Tot later!

Advertenties

Kristina en het kerstverhaal

Kristina

Kristina is een meisje van 11 jaar uit Eeklo, pardon, Armenië. Ze is hier terechtgekomen toen ze amper 2 jaar oud was. Ze gaat hier naar school, leerde de taal, vond hier vriendjes en vriendinnetjes. Haar familie is echter uitgeprocedeerd en zij en haar gezin werden tijdens de warmste week opgepakt en overgeplaatst naar een zogenaamd terugkeercentrum. Ze brengt er de feestdagen door tijdens een periode waarbij vele diensten gesloten zijn en nog meer personeel liefst verlof neemt. Het maakt me boos. De timing: kon dat niet anders? Vlak voor de kerstvakantie? In de warmste week? Na négen jaar!?

Haar leerkracht Geert Faes liet het niet bij boze emoties en verinnerlijkte verontwaardiging alleen. Hij schreef een pakkende brief en haalde met zijn aanklacht diverse kranten en journalen in binnen- en buitenland. Hij bracht Kristina ook haar rapport, want daar had ze tijdens die warmste week de kans niet meer toe gekregen. Dat ze goede punten had, zal Kristina zich later als ze hieraan terugdenkt misschien niet meer herinneren. Dat het geen warme maar een bittere week was, een koude week, een harde week, dat vermoedelijk wel. Ik deelde haar verhaal op mijn facebookpagina en ik kreeg daarop een reactie die ik niet had verwacht: “dat het de verantwoordelijkheid is van de ouders, dat het kind de dupe is, maar dat regels regels zijn en dat dat jammer is voor het meisje”.

Creativiteit in tijden van onbuigzaamheid

Wat een steek in mijn hart. Ik blijf blind geloven in de goedheid van de mens. Het is een radicale keuze, die me vaak achterlaat in ongeloof wanneer ik geconfronteerd word met mensen die het tegendeel aanhangen. De mensen die kiezen voor kwaad en koud en hard en ‘regels zijn regels’. Hoogstens een ‘dat dat jammer is voor het meisje‘, en vervolgens berusten en terugkeren tot de orde van de dag: kerstbomen versieren, cadeautjes kopen, en braspartijen houden tijdens kerst en nieuw. De onbuigzaamheid naar kinderen raakt me het allermeest. Als we de dingen niet meer veranderen willen, zelfs niet voor onze/de kinderen, voor wie dan wel? Wat zegt dat over onszelf? Ik blijf achter met zo weinig dat ik kan doén, behalve schrijven. Ik heb het kerstverhaal herschreven. Het kan geen toeval zijn dat Kristina Kristina heet.

Het Kerstverhaal

Lang lang geleden waren er eens een man en vrouw die heel veel van elkaar hielden. Ze leefden van de de liefde en hielden zoveel van elkaar dat ze niets nodig hadden behalve af en toe een maaltijd. Maar overal werden ze weggejaagd. In die tijd was zoveel liefde voor de mensen teveel om aan te zien. Dat kon niet waar zijn, dus joeg men de liefde weg. Maar de man en de vrouw lieten het niet aan hun hart komen. Uit één van hun bijzonder passionele vrijpartijen, ontstond een baby’tje.  De vader en de moeder hadden alleen maar liefde voor elkaar, en ze konden niet geloven dat hun liefde nóg groter werd naarmate de buik van de vrouw steeds boller werd. De liefde die de ouders voelden voor elkaar en voor hun kind, voedde het kind in moeders buik weldadig.

Omdat de toekomstige ouders rondzwierven, op zoek naar een plek om een kind op te voeden, sliepen ze op een nacht ergens in een stal. Geschrokken maakte de vrouw haar man wakker in het midden van de nacht: ‘ons kind komt! Ons kind komt!’ Drie koningen en drie koninginnen kwamen toevallig langs, aangetrokken door het licht dat uit de stal scheen. Ze zagen hoe de ouders sukkelden met al dat licht en alle praktische beslommeringen die bij een geboorte nu eenmaal horen. De koningen gingen jagen zodat er te eten was, ze brachten droog hout en ook een geit die het gezin voorzag van melk voor boter en kaas. De koninginnen zorgden inmiddels voor de barende moeder,  poetsten de stal, hielden het vuur gaande en kookten het eten. Het gevolg was dat toen het kindje uiteindelijk geboren werd, zo roze en rond was van geluk en gezondheid.  Maar bovenal straalde zij zoveel licht en liefde uit dat de ouders hun ogen moesten bedekken. De koningen gingen buiten met de kersverse vader en dronken bier en vierden zijn vaderschap. De koninginnen zorgden voor een warm deken voor de pasgeborene, wasten en verzorgden de kersverse moeder, zetten warme thee en vierden binnen het moederschap. Het waren nederige koningen en koninginnen, behulpzaam en praktisch. Tijdens de gemeenschappelijke maaltijd vierden de ouders, de koningen en de koninginnen en iedereen die erbij wou zijn, de geboorte van het kind. Ze besloten het kind, een meisje, Kristina te noemen. Het kindeke lag erbij te blozen, zo gelukkig van al die liefde en warmte waarin ze was geboren. De ouders waren vol dankbaarheid en waren inmiddels gewoon aan het licht van de baby.

De koningen en de koninginnen hoorden tijdens het eten het verhaal van de ouders aan. De man en de vrouw vertelden dat ze op de vlucht waren. Ze waren op zoek naar een plaats waar liefde en licht welkom was. Op zoek naar een nieuw begin en een nieuwe start, om al die liefde en al dat licht te kunnen delen met al wie zij ontmoeten zouden. De koningen en de koninginnen beraadden zich kort maar beslisten al snel, dat het gezin welkom was in hun land, het land der Belgen. Er was geen beter land waar zij zouden kunnen wonen, met niet minder dan het geschenk van al hun licht en liefde, dat ze zouden delen met ieder die ze ontmoetten. Ze vonden er een plek om te wonen, Kristina ging naar school. Ze leerden de taal en maakten snel vrienden. Kristina vertelde op een dag aan haar meester Geert het verhaal over de goedheid van de koningen en de koninginnen, dat ze het wonder vond. Meester Geert vertelde dat het geen wonder was, maar gewoon een zaak van alledag, een vanzelfsprekendheid en dat mensen in België met open armen worden ontvangen. Dat alles wist Kristina niet, maar ze was zo blij, zo blij dat ook zij hier mocht zijn. Zo blij dat België een land is waar licht en liefde heerst en haar licht ook welkom was. Kristina leefde nog lang en gelukkig samen met alle Belgen. Eind goed, al goed.

-Kerstverhaal geïnspireerd door het pakkende verhaal van Kristina uit Eeklo en de instagrampost van Marianne Willamson: 

christmas marianne williamson

 

 

 

 

 

 

Citaat 3


Ooit ben ik begonnen aan het pad van zelfontwikkeling, mijn motivatie om er mee te beginnen, waren en zijn nog altijd: mijn kinderen. De dag dat ik stond te roepen tegen mijn dochtertjes van 3 en 1 jaar oud, wist ik: dit is niet de beste moeder die ik kan zijn. Ik wist dat ik beter kon maar ik wist niet hoe. In het verbeteren van de relatie tussen mij en mijn kinderen (tussen mij en iedereen eigenlijk) moest ik eerst en vooral de relatie met mezelf aanpakken. Daaruit volgde vanalles, waaronder deze blog en ook de dag dat ik aanraking kwam met het boek ‘Fluisterkind’ van Janita Venema. Ik vond de titel van het boek zo zweverig dat ik er nooit zelf spontaan in zou bladeren in de boekhandel. In mijn zoektocht naar hoe ik de allerbeste mama kon zijn voor mijn kinderen, bleek dit echt een aanrader. Zo zweverig als de titel in mijn oren klinkt, zo praktisch en concreet en confronterend is de inhoud. Mijn kinderen? Die zetten me keihard met mijn voeten terug op de grond. En daar ben ik ze zo dankbaar voor!

Als mama wil ik niets liever dan dat mijn kinderen gezond en gelukkig zijn en wil ik dat ze de beste versie van zichzelf kunnen zijn. Door de manier waarop ik ze opvoed probeer ik er alles aan te doen om dat ook te realiseren. Dat doen wij ouders allemaal, toch? Het boek Fluisterkind vertelde me dat het omgekeerd precies hetzelfde is. Kinderen willen net zo goed dat hun ouders gezond en gelukkig en de beste versie van zichzelf kunnen zijn. Alleen voeden ze ons niet op, hebben ze niet de woorden of de volwassen hulpmiddelen om ons dat duidelijk te maken. Dus doen ze het maar op hun manier. Door aanhoudend onhebbelijk gedrag raken ons daar in ons onderbewuste. Ze drijven ons schijnbaar tot het uiterste tot we niet meer weten welke truuk we uit welk opvoedboek nog halen kunnen. Het helpt allemaal niks en de frustraties stapelen op. Maar… Onze kinderen proberen ons op die onmogelijke momenten op alle mogelijke manieren te helpen om wat we voor onszelf onzichtbaar proberen houden, zichtbaar maken. Zodat we het kunnen zien, zodat we het kunnen aanpakken. Zodat we ons leven kunnen leven, gezond en gelukkig en als de beste versie van onszelf, voor onszelf en voor onze kinderen. 

Ik ben ondertussen kindertolk in opleiding. Als kindertolk maak ik de vertaling van wat je kind je onbewust wil duidelijk maken. Het is een verrijkende maar confronterende manier om aan de slag te gaan met je eigen pijn. Het is ook de mooiste en meest motiverende manier om onze oude onbewuste weggeduwde pijn bloot te leggen, zodat ze kan genezen. Zodat onze kinderen onze onopgeloste shit niet hoeven mee te dragen. 

Benieuwd naar een kindertolkconsult? Vanaf juli 2018 kan je bij mij terecht. Ondertussen verwijs ik je graag door via http://www.presentchild.com 

Meneer Rommel

Van mijn moeder kreeg ik de ‘tien geboden voor schrijvers’ doorgestuurd. En eentje in het bijzonder bleef aan mijn ribben hangen:

Eert hen die je voorgingen

Via je ouders heb je je schrijftalent en denkkracht geërfd; leerkrachten en coaches hebben  je leren schrijven, formuleren, structureren. Wees je ervan bewust dat hun talent, ervaring en kennis jou hebben gebracht tot het punt waar je nu bent. Zeg af en toe gewoon even een dankjewel, al is het maar in gedachten.

Dus deze blogpost is een bijzondere dankjewel aan mijn ouders allebei, die houden van schrijven en taal. Een dankjewel aan mijn vader om te zien hoe hij op bierkaartjes, vodjes papier, en schriften al zijn krabbels neerpende, onleesbaar en onlogisch, behalve voor hem. Want ik doe dat ook. Een dankjewel aan mijn moeder om hetzelfde te doen, iets minder vaak maar wel logisch en leesbaar ook voor anderen, en om te dromen van een eigen boek. Want ik doe dat ook. Dankjewel mams en paps.

Die liefde en taal is iets dat ook verder in onze familie zit. Langs moederszijde voelde mijn tante zich geïnspireerd door mijn blog en begon haar prompt haar eigen platform, en dat doe ze fantastisch! Langs vaderszijde had mijn oom lang geleden een vaste column in de Eecloonaar, de oudste krant van Vlaanderen. Hij schreef er onder zijn pseudoniem Max Laadvermogen. Precies één maand geleden is Bart overleden. Dankjewel liefste familie.

En tot slot een dankjewel aan Meneer Rommel. Meneer Rommel was mijn leerkracht Engels in het 3e middelbaar. Voor een opstel moesten we ons huis beschrijven, wat ik een saaie opdracht vond in een heerlijke taal. Dus ik vormde de opdracht om naar een verhaaltje. Ik had geen inspiratie en ‘deed maar wat’, zo voelde het toch. Het compliment en de punten die ik ervoor kreeg zorgden ervoor dat ik dit opstel nog altijd heb. Toen ik het terugvond en het herlas, moest ik zo hard lachen, om mijn puberale fantasie, mijn veertienjarige ik, mijn kromme gedachten en diepe verlangens verborgen in een verhaaltje. En tegelijk zag ik glashelder, verborgen onder het verhaal, dat ik dat schrijven toch echt al heel lang heel graag doe. Dankjewel Meneer Rommel.

toets

Dus allee dan, omdat Meneer Rommel het zo goed vond, deel ik het hier. Wie mijn ouderlijk huis kent, herkent allicht één en ander.

My house is my castle

Sir, I will describe to you my house but because I don’t want to make it too boring I wrote a story about my house. 

The house of a family addicted to music.

Once there was a family, a mother, a father, two sisters and a brother. They lived in a very big house on the corner of the street. Their house had 17 rooms, a garage, a workplace for the father and a garden. They lived, ate, cooked, washed and worked in their house. But most of the time they were all playing music. And when they were not playing then they were writing music of listening ot music. You might have guessed it allready: the family was addicted to music. I once visited their house. I’ll tell you all about it. 

In the hall were cases for guitars and other musical instruments, there was a bag with strange and funny instruments, amplifiers, and a piano. Then I went to the room where the father had worked. I saw a mondolin, a 12 string guitar, a dobro guitar and a banjo hanging on the wall. Two lon brouwn curtains separated the workplace and the livingroom. In the livingroom were about 300 cd’s and even more lp’s. There were also two national guitars and resonators. On the mantelshelf laid plectrums, bottlenecks and mouth organs. In the kitchen the wallpaper had prints of little guitars, pianos and flutes. On every cupboard an instrument was painted, a red piano, a green saxophone, a purple double bass. When I was upstairs I walked in the brother’s bedroom. There wasnt much furniture: a bed, a chair, a closet and a drumkit. He collected drumsticks in all colours and sizes and they were laying all over the ground. In the room next to his was ‘music room’ painted on the door. The room wasn’t ready yet but the floor was covered with plectrums. Actually, the plectrums were a carpet, so you couldn’t take a plectrum and play a little because it was carpet. 

The youngest sister had the smallest room but she didn’t need much room, her instruments were not so big; a flute, a harp (a small one) and a saxophone. The biggest room ws for the oldest sister. She had a Spanisch, an accoustic and two electric guitars, a synthesizer, a bassguitar, a double bass, an oboe, a cello and a piano. In one of the drawers of her desk I found a flute. The girl was the most addicted one but she was the only one who hated to play on a flute. No one knows why. 

In the cupboards of the bathroom I found some things the family had invented. Shampoo for their hair so it wouldn’t hang in front of their faces, because if it did, they wouldn’t have seen what they were plaing. They had special soap for their hands so they wouldn’t have problems with rheumatic fingers. And tootpaste for a stronger breath, they could blow for 3 minutes long! Next to the bathroom was the toilet. The toilet, the floor and the toiletpaper had plectrum prints in different colours, which was very funny. 

In the bedroom of the parents I saw curtains made out of old strings. The mother was married in a dress made out of drumskins, her earrings and chainlets were made out of strings. On the loft were old geuitarcases and old or broken musical instruments. The familiy was so addicted to music that it would kill them. They wanted to stop byut they couldn’t, they just couldn’t. Everyday theyu got weaker and weaker but they still could’t stop playing. So with their last strength they phoned the undertaker and asked him to make a special stone shaped like their favorite musical instruments. They wanted to be buried in their garden, und the pear tree and next to the place where their chickens slept. They played together for the last time and then slowly died… .