Over die dag dat ik dat filmpje van het slachthuis zag en tijdelijk vegetariër werd

Zoals mannen en vrouwen niet zwart en niet wit zijn zo ben ik geen veggie noch een alleseter. Ik probeer de man en de vrouw in mezelf in balans te houden net als mijn voeding: ja, ik eet graag groenten, ja, ik eet héél graag vlees en vis. Alles met mate is een mooi streven en ik weet dat ik soms mateloos ben. Ik stopte eens totaal met suiker en viel prompt tien kilo af. Jojo, zei de chocola (en ook een baby en een paashaas joelden enthousiast mee), en ze plakken er ondertussen alweer aan.

Het filmpje over het slachthuis in Tielt; dat filmpje is zo ontzettend gruwelijk. Dat er geen andere weg is dan een duidelijke NEE betoogde ik tijdens het avondeten waarbij ik het gehakt uiteraard liet staan. En hoe duidelijk kan een NEE tegen de huidige vleesindustrie zijn? ‘Ik ben vanaf nu vegetariër!’ riep ik uit. Er is geen andere weg dan niét mee te doen, en dus géén vlees meer te eten. Geen varken, geen kip, geen koe, geen schaap.

‘Bezint eer ge begint’, kreeg ik als tegenwind overal. Zoals mijn lichaam suiker nodig heeft (met mate, jaja, ik weet het, ik weet het), zo heeft mijn lijf ook vlees en vis nodig. Ik eet het graag, ik eet het met liefde, ik krijg het met liefde gepresenteerd want mijn man kookt met al zijn liefde, ik heb dat nodig ook! Dat vlees. En die liefde. Dat is JA zeggen tegen wat ik nodig heb. Maar ik wil het op een manier waarbij ik niet meewerk aan brutaliteiten mens- en dieronwaardig.

De oplossing? Ik verwelkom de kippen, het varken, de koe en het schaap in onze tuin, waar we het met liefde eten geven en met liefde slachten. Ik wil mezelf en mijn gezin voeden met liefde in plaats van angst. Met een gelukkige kip in plaats van een gemarteld varken. Tijd en ervaring ontbreken. Ik sprong een gat in de lucht bij het vinden van een gebalanceerde oplossing. Want zoals géén vlees of vis te radicaal is voor mijn lijf, was hoe wij met ons gezin aten ook te radicaal, zonder dat we dat beseften. Dus ik ben blij met de wake-up-call van het filmpje en we kopen ja, af en toe nog, ja, ons vlees in de supermarkt. Maar we gaan weer veel meer naar de plaatselijke varkensboer want die blijken het varkens correct te slachten, onder verdoving en vooraf met klassieke muziek) én we bestelden bij www.deeleenkoe.be!

De test

Ons deel van koe is nog in aantocht. Met mijn drie kinderen trok ik ondertussen naar de schoenenwinkel. Voor twee paar sandalen zou ik 150 euro kwijt zijn. We belandden in de goedkopere schoenenwinkel en ik kocht zeven (!) paar schoenen voor hetzelfde geld. Wanhopig kwam ik thuis en pleurde mijn frustraties op mijn man: ‘ik wil vlees eten gekweekt en geslacht met liefde maar ik draag schoenen waar mensen voor gezweet hebben, niet krijgen wat ze verdienen, waar dikke mercedessen voor de mannelijke managers mee betaald worden en waar moeders in miserie geen eten op tafel voor kunnen toveren!’.

Maar ik weiger foert te zeggen, ik weiger op te geven.

In mijn ideale wereld? Is er liefde voor dieren en eten we genoeg, niet teveel en niet te weinig, gezond en gevarieerd. Is er liefde voor mensen en krijgt iedereen wat hij én zij verdient, niet teveel en niet te weinig, gelukkig en genoeg. In mijn reële wereld vecht ik met kleine stapjes. Waarvan heel vaak twee vooruit en weer een stap terug. Maar dat is oké. Het is beter dan verzanden, het is beter dan opgeven, toegeven, overgeven aan iets wat ik. Écht. Niét. Wil.

varkentjes

Foto: Flickr

Mannen en vrouwen in mijn ideale wereld

‘Weet je waarom ik vandaag helemaal in het zwart gekleed ben?’ vroeg ik aan mijn man. En hij antwoordde tot mijn grote opluchting: ‘omdat het internationale vrouwendag is’. En ik antwoordde: ‘Ja! Ik staak vandaag’. Enfin, staken. Mijn dag bestond uit mezelf en drie kindjes wassen-aankleden-eten-geven-boekentassen-vullen, keukenravage omtoveren, kindjes naar school voeren en halen, middageten maken, vieruurtje maken, avondeten maken, drie machines was tussendoor, opruimen-opruimen-opruimen, dochter van de dansles halen, en gelukkig ook nog tijd voor een theetje op mijn gemak en een fijne babbel met de mama die de beste vriendin van Noor kwam ophalen.

‘Aha, dus je staakt tegen mij?’ vroeg mijn allergrappigste man die niet wist wat ik hierboven dacht. Ik antwoordde fel: ‘Maar neen! Ik staak niet tégen de mannen en zeker niet tegen jou! Ik staak vóór de vrouwen.’ Zoals beschreven heb ik allesbehalve gestaakt en hield ik het bij een zwarte klederkracht en misschien nog een blogpost deze avond.

(Noot: En zo vloog maart voorbij. De blogpost pas meer een maand later afgeraakt)

Waarom dit signaal, dan? Waarom deed ik mee aan Vrouwendag? Waarom vind ik dit nodig? Het gaat niet om ‘tegen’ de mannen maar ‘voor’ de vrouwen. Maar waarvoor dan precies? Ik besluit om het bij de semantiek te houden. Waar staat dat dan eigenlijk voor, die vrouwen in mijn ideale wereld?

Ik typ duchtig ‘vrouw’ in op google en stel vast dat de vierde hit een definitie geeft van een ‘vrouw’ op Wikipedia. Ha, interessant! Doe ik meteen hetzelfde met ‘man’ en… euh. Niks. NIKS! Probeer het zelf eens. Rechtreeks op Wikipedia vind ik wel een concrete definitie van een man. Bij vrouw  wordt vermeld dat er ‘op het moment geen woord is voor een vrouw die door de overgang is gegaan.’  Moet dat dan? Is dat nodig, zo’n woord? Ik besef dat ik een zoektocht startte die me meer frustratie dan plezier verschaft. Ik geef het op en hou het daarom maar op een omschrijving die ik vond geschreven door Laura Wagenaar-Buit:

Een vrouw is wat mij betreft, net als een man, een sterrenstelsel van chromosomen, hormonen, neutronen, genen, koolstofverbindingen, chemische elektriciteit, culturele coderingen, identificeringen, hersenspinsels, kennis, proza en poëzie, waartussen de roteringen niet stabiel zijn, maar in ontwikkeling, die elkaar soms hier en soms daar kruisen in hun baan, die onderdeel zijn van een voortdurende conversatie met onszelf en met elkaar, die zich niet laat beteugelen door een definitie maar door verbindingen in het sterrengrind, die een tijdelijk beeld geven, een doorsnee, een bevriezing, totdat de kijker een ander punt inneemt, het stelsel weer verder draait en de oneindige combinatiemogelijkheden de observant nietig en groots tegelijk doen voelen.” 

Voila. Mannen en vrouwen in mijn ideaal universum hebben verder niet meer de behoefte of de noodzaak om verder te definiëren. We zijn verschillend en gelijkwaardig, we hebben elkaar nodig en we houden van elkaar. One love!

man woman one love

Eerlijk is (h)eerlijk en leerrijk

Over auto’s en verzekeringen, over vooroordelen op weg naar een ideale wereld:

Mijn dochter van 5 jaar klapte de autodeur open, wat ze 1) niet mocht en 2) zo enthousiast en vol overgave deed dat ze daarmee de quasi nieuwe geparkeerde wagen naast ons van een persoonlijke toets voorzag. Een bluts. ‘Oh. Néé!’, riep ik uit. Ergens in mijn hoofd dacht ik: ‘Nee, zwijgen en wegrijden!’ Maar mijn hart zei vervolgens ook nee: ‘Nee, dat gaan we niet doen. We blijven. En we regelen het.’ Iets met verzekeringen en een aanrijdingsformulier invullen en de eigenaar van de nieuwe auto die me geruststelde en dat dat allemaal niet erg is en ‘dat het maar dat is’ en die zoetebolle van een dochter van mij deed dat toch niet expres zeker? Dat is waar, dacht ik, en boos was ik ook niet. En de eigenaar van de andere auto voegde er nog aan toe dat ze zo blij was dat ik eerlijk was. Hoewel mijn hoofd misschien een uitweg zag, zomaar wegrennen of doen alsof er niks gebeurd was, dat zou ik niet kunnen. Een stemmetje in dat hoofd van mij kon het toch niet laten om te zeggen: ieder ander had zijn mond gehouden!

Maar is dat wel zo?

Twee weken later kwam ik buiten en stapte stevig en gehaast naar mijn geparkeerde auto op straat. Twee jongens waarvan ik vermoedde dat ze van een andere origine (of hoe verwoord je dat correct?) waren stonden op een wijze naar mijn auto te kijken waardoor ik allerlei vreemde gedachten had. Ik ben doorgaans vrij open en zonder zware oordelen  naar mijn medemens maar ik betrapte mezelf op gedachtes waar ik allesbehalve trots op ben. Ik deed de deur van de auto open om in te stappen en dat ging moeilijk. Ik deed de deur weer dicht zonder in te stappen en zag toen pas wat ieder ander allicht onmiddellijk had gezien: mijn auto was aangereden. ‘Oh. Nee!, riep ik uit.

De jongens draaiden zich om en stonden blijkbaar te wachten op mij: ‘sorry mevrouw, ’t is van ons mevrouw. Hoe kunnen wij da regelen mevrouw?’ Waarbij in mijn hoofd alweer gedachten volgden waar ik echt niet trots op ben. Waarvan ik mij nu afvraag hoe dat toch komt, want ik bén zo niet. De jongens bleken inderdaad van vreemde origine, hadden pech gehad en waren geslipt (zomerbanden versus regenweer in een gevaarlijke bocht versus allicht de bocht een beetje te snel genomen zeker – been there done that – die jongens hebben dat echt niet expres gedaan) en wilden alles heel proper en correct regelen en dat hebben we dan ook gedaan. Ze waren eerlijk, ze waren verzekerd, en hadden zelf gelukkig niks behalve nog ergere blikschade dan ik. Ze kwamen er met de schrik vanaf en hun vooruitzicht van heel boze ouders zorgden bij mij dat ik echt met hen te doen had. Ik was zeker niet boos. Tis maar een auto, ‘dat het maar dat is’, zei ik, en ook dat ik zo blij was dat ze eerlijk waren. 

In mijn ideale wereld is eerlijkheid een heerlijkheid en ongelooflijk leerrijk, vooral dan wat mijn gedachten betreft. Ik leerde dat ik dat hoofd van mij af en toe echt wat minder serieus mag nemen ten voordele van mijn hart en mijn gevoel. En dat angst en boosheid ons echt geen meter vooruit helpt, maar wel een groot gevoel van mededogen, liefde en compassie. 

(Al moet ik toegeven dat eens goed vloeken ook altijd heel erg helpt!)

Uitnodiging om te springen

In mijn vorige post ging over het kikkers die springen maar niet weten waarheen. Laat deze prachtige tekst van Oriah Mountain Dreamer een uitnodiging zijn, voor ons, kikkers:

 

De uitnodiging

Het interesseert me niet wat je doet voor de kost; Ik wil weten waar je naar hunkert; en of je ervan durft te dromen het verlangen van je hart te vervullen.

Het interesseert me niet hoe oud je bent; ik wil weten of je het risico neemt voor gek te staan voor liefde, voor je dromen, voor het avontuur van levend zijn.

Het interesseert me niet wat je allemaal dwarszit; ik wil weten of je contact hebt gemaakt met de kern van je eigen verdriet. Of je bent geopend door de teleurstellingen van het leven; of je bent verschrompeld, je hebt afgesloten, uit angst voor de pijn. Ik wil weten of je pijn kunt verdragen; van mij en van jezelf, zonder weg te stoppen, vast te bijten. Ik wil weten of je plezier kunt verdragen van mij en van jezelf, of je kunt dansen met overgave, extase toe kunt laten tot in de toppen van je vingers en je tenen, zonder te manen tot voorzichtigheid, tot realisme, of ons te herinneren aan menselijke beperkingen.

Het interesseert me niet of het verhaal dat je vertelt waar is, ik wil weten of je een ander kunt teleurstellen om eerlijk te zijn naar jezelf; of je verdenking van verraad kunt verdragen, zonder verraad te plegen aan je ziel. Ik wil weten of je trouw kunt zijn, en dus te vertrouwen. Ik wil weten of je schoonheid kunt zien, ook als niet iedere dag even mooi is; en of je jouw leven kunt herleiden tot haar bron. Ik wil weten of je met falen kunt leven, het jouwe en het mijne, en nog aan de rand van het meer kunt staan, en JA kunt roepen tegen de zilveren gloed van de volle maan.

Het interesseert me niet waar je woont of hoeveel geld je bezit. Ik wil weten of je na een nacht vol verdriet en vertwijfeling, moe en gekneusd tot op het bot, kunt opstaan en doet wat gedaan moet worden voor de kinderen.

Het interesseert me niet wie je bent of waar je vandaan komt; Ik wil weten of je naast me zult staan als het er echt op aan komt en niet terug zult deinzen.

Het interesseert me niet wáár of wàt of met wìe je gestudeerd hebt; ik wil weten wat er van je overblijft als al het andere wegvalt. Ik wil weten of je alleen kunt zijn met jezelf; en of je werkelijk waardeert wat je gezelschap houdt in lege momenten.

Gedicht van Oriah Mountain Dreamer (Indiaanse stamoudste)

Mijn liefde voor de kikker ontmaskerd

Eén van mijn favoriete metaforen blijkt onwaar: als je een kikker in een pan kokend water gooit, springt die eruit. Maar leg je hem in koud water, en breng je dat langzaam aan de kook, dan zal de kikker uiteindelijk sterven. Dat blijkt een mythe, een kikker zou tóch het water uit springen zodra het hem te warm wordt. Oké, aanvankelijk was ik teleurgesteld, maar nu ik er verder over nadenk is het zo, maar echt zo heerlijk hoopgevend.

Waar gaat die metafoor eigenlijk over?

De gekookte kikker is een metafoor voor onze samenleving, ons bedrijf, onze gemeente, in feite zelfs onze familie, onze vrienden, kortom overal waar we deel uitmaken van ‘een gemeenschap’. Als veranderingen in die gemeenschap langzaam gaan, dan ondergaan we die kikkergewijs en uiterst lijdzaam. We pruttelen wat tegen, we morren een beetje, maar uiteindelijk is toch allemaal zo erg niet, en zo sussen we elkaar terwijl we zachtjes gaar gekookt worden. Net als de kikker gaan we ten onder.

Ook wij zijn kikkers?

Ik voel me ook zo’n kikker. Nooit eerder werkte ik onder een minister die zo’n diepdonkerblauw, keihard en ijskoud beleid voert. Ik werk godzijdank niet voor haar rechtstreeks, zelfs niet in de buurt, maar uiteindelijk hebben we allemaal een minister verantwoordelijk voor bepaalde prioritaire levensgebieden, ministers die ons rechtstreeks raken, op welke manier dan ook. Maar ‘mijn’ minister dus. Ze kookt ons allen langzaam, beetje voor beetje voert ze de ene na de andere besparingsmaatregel door. Van de meeste hebben we niet eens last omdat het eerst onderaan de pan warmer wordt.

Maar de druk wordt steeds groter, de grenzen worden steeds opnieuw en opnieuw en opnieuw verlegd, elke keer een beetje verder. En niet alleen zij. Ook haar collega’s peuteren hier 50 euro en daar 300 euro, en slaan dit op met 50 cent en dat op met 5 euro. En nog, en nog, en nog, en nog. Het is om depressief van te worden, maar ook een pilletje om het verder vol te houden in dat steeds warmer wordende water krijgen we ook niet meer. Misschien is dat nog positief, dat we daardoor héél goed voelen hoe warm of hoe heet het aan onze voeten en in feite al voorbij ons bekken wordt. We kunnen al niet meer bewegen, we zitten vast in het hete water. We pletsen nog wat met onze armen maar ik voel me zielig weggelachen. Langzaam gaan we ten onder.

Kikker’s ideale wereld

Wat hebben we nog meer nodig om eruit te springen? Hoe heet moet het worden? Wachten we op de kikkers die meteen het kokend water ingegooid worden? Het Trump-/Wilders-effect? Hebben wij dat ook écht nodig? Ik duim en hoop en bid en stuur liefde de wereld in dat het allemaal zover niet mag komen, dat we allemaal samen eruit springen, nee of stop zeggen. Hart in plaats van hard, ja, en ook dat we allemaal wonen op dezelfde plek, de aarde, dat we allemaal geloven in hetzelfde, de liefde. Noem mij wollig, newage of whatever, maar zoals het nu is, is het toch écht te gek voor woorden? Ik wil eruit springen, ik ben er klaar voor, ik weet alleen nog niet waarheen. Wie springt er met me mee?

boiling-frog-donkey-hotey

Foto: Donkey Hotey

Woest

Woest is in de woestijn

helemaal alleen en niemand

die het hoort, niemand die het ziet

 

Woest is een fata morgana

die alleen iemand kan voelen en niemand

die het hoort, niemand die het ziet

 

Woest is een tornado

wat iemand wil tonen maar niemand

die het hoort, niemand die het ziet

 

Woest is alleen maar een oase

een tranendal van iemand. Iemand

kan alleen maar glimlachen, net als iedereen.

Landscape

Foto: The US National Archives. Eiler, Terry, 1944.

Het eerste opstel van mijn eerste kind

opstel-reina

Ik ben geboren op zaterdag 31 januari 2009. Toen ik net geboren was was mijn hoofd kleiner dan papa’s hand. Mijn mama en papa waaren suuper blij met mij.

2009-01-31-reina-72

Ik was 2 jaar en het was mijn eerste schooldag. Het was wel heel spanend. We stonden al klaar om te vertreken.

stoefboekje32

Ik en noor waaren heel zerveus. Het was zo spanend. En ijndelek was bas eruit.

rnb-geboren

Vandaag is Reina 8 jaar!

dsc_0003_reina8_web

Foto’s: copyright joba maréchal